Artikel 1 Het orde- en tuchtreglement kadert binnen de beginselen van behoorlijk bestuur, zoals opgenomen in dit schoolreglement.
1. Het ordereglement
Artikel 2 Elke gedraging, die de goede werking van de school of het lesverloop hindert, kan aanleiding geven tot een ordemaatregel.
Artikel 3 Elk personeelslid van de school heeft de bevoegdheid een ordemaatregel te nemen, in overeeenstemming met de algemene beginselen in dit schoolreglement.
Artikel 4 De ordemaatregel wordt per brief meegedeeld.
Artikel 5 Tegen een ordemaatregel is geen beroep mogelijk.
2. De preventieve schorsing
Artikel 6 De directie van de school heeft de bevoegdheid preventief te schorsen, overeenkomstig de algemene beginselen in dit schoolreglement.
Artikel 7 De preventieve schorsing is een ordemaatregel, die enkel kan genomen worden in afwachting van een tuchtmaatregel.
3. Het tuchtreglement
3.1 De tuchtprocedure
Artikel 8 De directeur of de afgevaardigde van de inrichtende macht kan een tuchtmaatregel opleggen als het gedrag van een leerling een gevaar vormt voor het verstrekken van onderwijs, de verwezenlijking ven het opvoedingsproject van de school en/of het pedagogisch project van het stedelijk onderwijs.
Artikel 9 De directeur of de afgevaardigde van de inrichtende macht heeft de bevoegdheid de volgende tuchtmaatregelen te nemen:
- de berisping
- de schorsing uit één, meerdere of alle lessen voor een periode van ten hoogste tien schooldagen
- de uitsluiting uit de school
Artikel 10 De directeur of de afgevaardigde van de inrichtende macht neemt een tuchtmaatregel, in overeenstemming met de algemene beginselen in dit schoolreglement.
3.2 De procedure
Artikel 11 De directeur of de afgevaardigde van de inrichtende macht stelt onmiddellijk een tuchtdossier samen. In elke fase van de procedure hebben de betrokken leerling, zijn ouders en/of een raadsman recht op inzage in het tuchtdossier.
Artikel 12 De leerling of zijn ouders (*) wordt door de directeur of de afgevaardigde van de inrichtende macht, per brief afgegeven tegen ontvangstbewijs of aangetekend verstuurd, op de hoogte gebracht van de lopende tuchtprocedure en uitgenodigd voor een gesprek. Tussen de kennisgeving en de datum van het gesprek zitten ten minste drie werkdagen. Tijdens het gesprek kunnen de ouder(s) en de leerling zich laten bijstaan door een raadsman.
Artikel 13 Gelijktijdig wordt de begeleidende klassenraad samengeroepen om een advies omtrent de te nemen tuchtmaatregel te formuleren. De vertegenwoordiger van het centrum voor leerlingenbegeleiding (SCLBA) wordt steeds op de begeleidende klassenraad uitgenodigd.
Artikel 14 Ten laatste één werkdag na het gesprek en het advies neemt de directeur of de afgevaardigde van de inrichtende macht een beslissing omtrent de tuchtmaatregel en brengt deze besliising uitdrukkelijk gemotiveerd ter kennis van de ouder(s) door middel van een brief afgegeven tegen ontvangstbewijs of aangetekend verstuurd. De directeur stuurt een kopie van de uitdrukkelijk gemotiveerde beslissing naar het centrum voor leerlingenbegeleiding (SCLBA) en de bedrijfseenheid Lerende Stad.
3.3 Het beroep
Artikel 15 Binnen de drie werkdagen na kennisgeving van de tuchtmaatregel 'uitsluiting uit de school' door de directie, kan schriftelijk beroep aangetekend worden bij de tuchtraad. De brief wordt gericht aan de voorzitter van de tuchtraad en is aangetekend of tegen ontvangsbewijs.
Artikel 16 Het beroep schort de uitvoering van de tuchtmaatregel 'uitsluiting uit de school' niet op.
Artikel 17 De tuchtraad bestaat uit:
- de bedrijfsdirecteur van de bedrijfseenheid Lerende Stad of zijn plaatsvervanger
- een gemandateerde vertegenwoordiger van het centrum voor leerlingbegeleiding of zijn plaatsvervanger
- een vaste vertegenwoordiger van de directies van elke scholengemeenschap of zijn plaatsvervanger
Artikel 18 Binnen de vijf werkdagen, na ontvangst van het beroep, heeft de tuchtraad een gesprek met de leerling. De tuchtraad kan zich laten bijstaan door externe deskundigen. Tijdens het gesprek kan de leerling zich laten bijstaan door zijn ouder(s) en/of een raadsman.
Artikel 19 De tuchtraad neemt een beslissing binnen drie werkdagen na het gesprek.
Artikel 20 Ten laatste één werkdag nadat de beslissing werd genomen, stuurt de voorzitter van de tuchtraad of zijn afgevaardigde een aangetekende brief naar de leerling of zijn ouders, met de gemotiveerde beslissing. Deze beslissing is bindend voor alle partijen.